Follow by Email

woensdag 5 maart 2014

Een moment voor een monument………….



Twee tijden, twee kunstenaars, twee oorlogen. De ene kunstenaar laat een groep van zes mannen in een bevroren dynamische actie zien, de andere kunstenaar zet zijn zes figuren statisch neer op een gezamenlijk voetstuk. Wat beide beeldgroepen bindt is het onderwerp: oorlog. Hoe geven respectievelijk Kienholz en Rodin hun visie weer?





Kienholz (1927-1994) verbeeldt in zijn werk Portable War Memorial (1968) een tafereel uit de Vietnamoorlog.



 Zijn bron is een foto gemaakt door Joe Rosenthal[1]in 1945. Deze foto was al eerder gebruikt om het oorlogsmonument op de militaire begraafplaats in Arlington (VS) te maken. Het verhaal achter de foto is boeiend en de moeite waard om te lezen[2].
Kienholz levert door zijn beeldende aanpak - hij maakt dit terwijl Amerika vecht in Vietnam- commentaar op het voeren van oorlog. Zijn monument is een draagbaar monument, overal neer te zetten waar je maar wilt. Het absurde plaatsen van een oorlogshandeling in typisch Amerikaanse setting: de snackbar, doet afbreuk aan de heroïek van de handeling. Het leven kabbelt verder, we zien niet eens dat de militairen er zijn, we zitten aan de bar, eten een hotdog en luisteren naar muziek. De overbekende wervingsposter  I want you  aan de muur, is nog maar net zichtbaar achter de groep mannen.  Hoewel de namen bekend zijn van de zes militairen met de vlag, maakt hij deze soldaten anoniem, iedereen kan het zijn. Het bord waarop met krijt de namen van de slachtoffers en verdwenen landen kunnen worden genoteerd spreekt voor zich. Oorlog is hier ver weg en lijkt er niet toe te doen. De keuze voor het materiaal benadrukt de irrelevantie van het onderwerp, gewoon materiaal, niets dat de eeuwigheid kan doorstaan, hier dus geen brons voor de strijdersgroep.



Naar aanleiding van een andere gebeurtenis uit een ver verleden kreeg Rodin (1840-1917) de opdracht een groepsbeeld te maken. We kennen het als Les bourgeois de Calais, hij voltooide dit in 1889. Dit levensgrote groepsbeeld van brons moet een blijvende herinnering zijn aan een verhaal uit de kronieken van een middeleeuwse schrijver, Froissart die de honderdjarige oorlog beschreef tussen Engeland en Frankrijk in de 14e eeuw[3]. Hier zijn zes burgers neergezet, voorname mensen in eenvoudige kleren, op blote voeten en met een touw om hun nek, alsof het vee is dat naar de slachtbank gaat. Ze brengen de sleutel van de stad Calais naar de overwinnaar en bieden zich aan als offer om de stad zelf te sparen van uitmoorden[4].  Deze mannen, van wie ook de namen bekend zijn, tonen emoties die worden versterkt door gebaren met handen, hoofden die verbetenheid uitstralen, lichaamshoudingen die berusting uitbeelden. De figuren staan los van elkaar, ieder in een eigen, al verloren gewaande wereld.




 






Het verschil, zowel wat aspecten van vormgeven als van voorstelling betreft, tussen beide monumenten is groot. Bij Rodin sta je erbij, bij Kienholz gebeurt het zonder het te (willen) weten.Bij Kienholz is er de intrinsieke aanklacht tegen de oorlog als zinloosheid, bij Rodin is het de waardigheid van het individu die zich opoffert voor de gemeenschap. Kienholz reageert op een tijdgebeurtenis, Rodin op een voorval in een ver, door de historie gekleurd verleden. 
Het lijkt me trouwens heel interessant om je af te vragen of de kunstenaars in hun uitbeelding representant zijn van hun tijd. Ik denk dat dit zo is.  






[3] Het was even zoeken naar de brontekst, maar dit is een goede, neem eens een dag vrij en lees wat Froissart opschreef, teksten zijn ook in Engels te vinden, zoek maar. .
Bron: http://www.hrionline.ac.uk/onlinefroissart, klik links op search en vul in bij search for text  "tous deschaux, les hars ou col"
Folio 164 r: Aprés se leva en sur les piéz le plus riche bourgois de la ville que on appelloit sire Eustace de Saint Pierre et dist devant tous ainsi: "Seigneurs grans et petis, grant meschief seroit de laissier mourir un tel peuple qui cy est par famine ou autrement, quant on y puet trouver aucun moyen. Et si seroit grant aumosne et grant grace envers Nostre Seigneur qui de tel meschief les pourroit garder. Je, endroit moy, ay si grant esperance d’avoir grace et pardon envers Nostre Seigneur se je muir pour ce peuple sauver, que je vueil estre …Folio 114 v Aprés se leva en piés le plus riche bourgois  de la ville que on appelloit sire Eustace  de Saint Pierre, lequel dist devant tous : "Seigneurs grans et petiz, grant meschief seroit de laissier mourir un tel peuple qui cy est par famine ou autrement, quant on y puet trouver aucun moyen. Et seroit aumosne et grace envers Nostre Seigneur qui de tel meschief les pourroit garder. Je, endroit de moy, ay si grant esperance d’avoir grace et pardon envers Nostre Seigneur, se je muir pour ce peuple sauver, que je vueil estre le premier. […]..Monseigneur Gautier, vous diréz au capitaine de Calais que la plus grant grace qu’il pourroit trouver en moy, c’est qu’ilz se partent de la ville de Calais VI des plus notables bourgois en purs les chiefs et tous deschaux, les hars ou col, les clefs de la ville et duchastel en leurs mains et de ceulx, je feray ma voulenté, et le remenant je prendray a mercy."